Словарь
70 слов · страница 3 из 3
de liftA2
лифт
De lift is kapot.
liggenA1неправильный
lag · lagen · hebben gelegen
лежать, находиться
Het boek ligt op tafel.
lijkenA1неправильный
leek · leken · hebben geleken
казаться
Het lijkt me een goed idee.
de lijnA2
линия; маршрут (автобуса)
Neem lijn vier richting het station.
de lijstA2
список
Zet het op de lijst.
de limonadeA1
лимонад
De kinderen krijgen limonade.
de linkA2
ссылка
Ik stuur je straks de link naar de website.
linksA1
налево
Sla bij de kerk links af.
de lipA1
губа
Mijn lippen zijn droog van de kou.
de literA2
литр
We hebben een liter melk nodig.
het loketA2
окно приёма, стойка
Meld u bij loket drie.
de longA1
лёгкое
Roken is slecht voor je longen.
het loonA2
заработная плата
Het loon wordt per week uitbetaald.
lopenA1неправильный
liep · liepen · hebben/zijn gelopen
ходить пешком
Ik loop elke dag naar mijn werk.
идти, длиться (о сроке)
De cursus loopt van september tot juni.
de luchtA2
воздух; небо
Na de regen is de lucht weer blauw.
de luchthavenA2
аэропорт
Schiphol is de grootste luchthaven van Nederland.
de luciferA1
спичка
Heb je een lucifer?
luisterenA2
luisterde · hebben geluisterd
слушать
Luister goed naar de vraag.
lukkenA2
lukte · zijn gelukt
удаваться
Het is me gelukt!
de lunchA1
обед
De lunch is om half een.

