Словарь
6 слов · страница 1 из 1
inleverenA2отделяемый
leverde in · hebben ingeleverd
сдать (работу, вещь)
Je moet je huiswerk voor vrijdag inleveren.
inloggenA2отделяемый
logde in · hebben ingelogd
входить в аккаунт
Log in met je e-mailadres.
inpakkenA2отделяемый
pakte in · hebben ingepakt
упаковывать; собирать (вещи)
Morgen gaan we op vakantie, dus ik moet nog inpakken.
inrichtenA2отделяемый
richtte in · hebben ingericht
обставлять
We moeten de woonkamer nog inrichten.
instappenA2отделяемый
stapte in · zijn ingestapt
садиться (в транспорт)
U kunt achterin instappen.
invullenA2отделяемый
vulde in · hebben ingevuld
заполнять
Vul het formulier volledig in.

