Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

114 слов · страница 2 из 5

  • de heerB1

    господин, джентльмен

    Geachte heer, hierbij reageer ik op uw advertentie.

  • heerlijkA2

    восхитительный, очень вкусный

    De soep van mijn moeder smaakt heerlijk.

  • het hekA1

    забор, калитка

    Doe het hek achter je dicht.

  • helaasA2

    к сожалению

    Helaas kan ik niet komen.

  • de heldB1

    герой

    De brandweerman is een echte held voor de kinderen.

  • helderB1

    ясный, прозрачный

    Na de regen is de lucht weer helder.

  • helemaalA2

    совсем, полностью

    Ik ben de afspraak bij de tandarts helemaal vergeten.

  • de helftA1

    половина

    De helft van de klas was ziek.

  • helpenA1неправильный

    hielp · hielpen · hebben geholpen

    помогать

    Kun je me even helpen?

  • de herfstA1

    осень

    In de herfst waait het vaak hard.

  • herhalenB1

    herhaalde · hebben herhaald

    повторять

    Kunt u dat herhalen, alstublieft?

  • de herhalingA2

    повторение

    Volgende week is er een herhaling van de grammatica.

  • zich herinnerenA2возвратный

    herinnerde · hebben herinnerd

    помнить, вспоминать

    Ik herinner me haar naam niet meer.

  • de herinneringB1

    напоминание

    Ik kreeg een herinnering voor een onbetaalde rekening.

  • de herkansingB1

    пересдача

    Je hebt recht op één herkansing.

  • herkennenA2

    herkende · hebben herkend

    узнавать

    Ik herkende hem meteen.

  • de hersenenA1

    мозг

    Slaap is belangrijk voor je hersenen.

  • het herstelA2

    выздоровление

    Beterschap en een goed herstel!

  • herstellenB1

    herstelde · zijn hersteld

    выздоравливать

    Hij is goed hersteld na de operatie.

  • de herstelperiodeB1

    период восстановления

    De herstelperiode duurt zes weken.

  • het herstelplanB1

    план восстановления

    De arts stelde samen met mij een herstelplan op.

  • de hersteltijdB1

    время восстановления

    De hersteltijd na deze ingreep is kort.

  • hetenA1неправильный

    heette · heetten · hebben geheten

    называться, зваться

    Hoe heet jij?

  • de heupA1

    бедро

    Mijn oma heeft een nieuwe heup.

  • hierA1

    здесь

    Ik woon hier al drie jaar.