Je EigenRoute
GirişKayıt ol

Kelime Bilgisi

115 kelime · sayfa 1 / 5

  • aanbiedenA2ayrılabilirdüzensiz

    bood aan · boden aan · hebben aangeboden

    teklif etmek

    Zij bood aan om te helpen.

  • aankomenA2ayrılabilirdüzensiz

    kwam aan · kwamen aan · zijn aangekomen

    varmak

    Wij komen om acht uur aan.


    kilo almak

    Sinds de winter is hij vijf kilo aangekomen.

  • afwassenA2ayrılabilirdüzensiz

    waste af · wasten af · hebben afgewassen

    bulaşık yıkamak

    Wie wast er vanavond af?

  • afzeggenA2ayrılabilirdüzensiz

    zei af · zeiden af · hebben afgezegd

    iptal etmek (randevu)

    Ik moet de afspraak bij de tandarts afzeggen.

  • bakkenA2düzensiz

    bakte · bakten · hebben gebakken

    kızartmak, pişirmek

    Ik bak een ei voor het ontbijt.

  • bedenkenA2düzensiz

    bedacht · bedachten · hebben bedacht

    bulmak, tasarlamak

    Wie heeft dit plan bedacht?


    zich bedenkendönüşlü

    fikrini değiştirmek

    Hij wilde eerst mee, maar bedacht zich.

  • bedervenA2düzensiz

    bedierf · bedierven · zijn bedorven

    bozulmak

    Vlees bederft snel in de warmte.

  • beginnenA1düzensiz

    begon · begonnen · zijn begonnen

    başlamak

    De les begint om negen uur.

  • begrijpenA1düzensiz

    begreep · begrepen · hebben begrepen

    anlamak

    Ik begrijp de vraag niet helemaal.

  • bekijkenA2düzensiz

    bekeek · bekeken · hebben bekeken

    bakmak, incelemek

    Wil je de foto's van de vakantie bekijken?

  • besluitenA2düzensiz

    besloot · besloten · hebben besloten

    karar vermek

    We hebben besloten te verhuizen.

  • bestaanA1düzensiz

    bestond · bestonden · hebben bestaan

    var olmak

    Zo'n regel bestaat hier niet.

  • bezoekenA2düzensiz

    bezocht · bezochten · hebben bezocht

    ziyaret etmek

    We bezoeken zondag mijn ouders.

  • blijvenA1düzensiz

    bleef · bleven · zijn gebleven

    kalmak

    Blijf je vanavond eten?

  • brekenA2düzensiz

    brak · braken · hebben/zijn gebroken

    kırmak

    Ze is gevallen en heeft haar arm gebroken.

  • brengenA1düzensiz

    bracht · brachten · hebben gebracht

    getirmek, götürmek

    Ik breng de kinderen naar school.

  • denkenA1düzensiz

    dacht · dachten · hebben gedacht

    düşünmek

    Ik denk dat het goed komt.

  • doenA1düzensiz

    deed · deden · hebben gedaan

    yapmak

    Wat doe je in het weekend?

  • dragenA1düzensiz

    droeg · droegen · hebben gedragen

    giymek; taşımak

    Hij draagt een zwarte jas.

  • drinkenA1düzensiz

    dronk · dronken · hebben gedronken

    içmek

    Wat wil je drinken?

  • eruitzienA2ayrılabilirdüzensiz

    zag eruit · zagen eruit · hebben eruitgezien

    görünmek (dış görünüş)

    Weet jij hoe de nieuwe buurman eruitziet?

  • ervarenA2düzensiz

    ervoer · ervoeren · hebben ervaren

    deneyimlemek

    Veel mensen ervaren het examen als stressvol.

  • etenA1düzensiz

    at · aten · hebben gegeten

    yemek (fiil)

    Wij eten meestal om zes uur.


    het eten

    yemek

    Nederlands eten is soms heel simpel.

  • gaanA1düzensiz

    ging · gingen · zijn gegaan

    gitmek

    Ik ga morgen naar Amsterdam.

  • geldenA2düzensiz

    gold · golden · hebben gegolden

    geçerli olmak

    Deze regel geldt voor iedereen.