Je EigenRoute
GirişKayıt ol

Kelime Bilgisi

1962 kelime · sayfa 30 / 79

  • de kaneelA1

    tarçın

    Doe wat kaneel op de appels.

  • de kansA1

    fırsat

    Dit is een mooie kans voor jou.

  • de kantA2

    taraf, yan

    Aan welke kant van de straat woont u?

  • het kantoorA2

    ofis

    Ons kantoor is vlak bij het station.

  • de kantoorurenA2

    mesai saatleri

    Bel tijdens kantooruren.

  • kapotA2

    bozuk, kırık

    Mijn telefoon is kapot, het scherm doet niets meer.

  • de kassaA2

    kasa

    Bij de kassa is een lange rij.

  • de kassamedewerkerA2

    kasiyer

    De kassamedewerker was heel vriendelijk.

  • de kastA1

    dolap

    Je jas hangt in de kast.

  • het kasteelA2

    şato, kale

    We bezochten een oud kasteel met een gracht.

  • de keelA1

    boğaz

    Ik heb pijn in mijn keel.

  • de keelpijnA2

    boğaz ağrısı

    Ik heb keelpijn en kan slecht slikken.

  • de keerA1

    kez

    Ik ga twee keer per week sporten.

  • de kelderA1

    bodrum

    De fietsen staan in de kelder.

  • kennenA1

    kende · hebben gekend

    tanımak

    Ken je die man?

  • de kennisA1

    bilgi (birikim)

    Hij heeft veel kennis van computers.


    tanıdık (kişi)

    Een kennis van mij werkt bij die school.

  • de kerkA1

    kilise

    De kerk staat op het plein.

  • de kerstA2

    Noel

    Met kerst eten we samen met de hele familie.

  • de kettingA2

    kolye; zincir

    Ze draagt een gouden ketting van haar oma.

  • de keukenA1

    mutfak

    De keuken is net schoongemaakt.

  • de keuzeA2

    seçim

    Er is genoeg keuze.

  • kiezenA1düzensiz

    koos · kozen · hebben gekozen

    seçmek

    Je moet zelf kiezen.

  • kijkenA1düzensiz

    keek · keken · hebben gekeken

    bakmak, izlemek

    We kijken vanavond naar een film.

  • de kiloA1

    kilo (ağırlık birimi)

    Een kilo appels kost op de markt twee euro.

  • de kinA1

    çene

    Hij stootte zijn kin bij het vallen.