Je EigenRoute
GirişKayıt ol

Kelime Bilgisi

1053 kelime · sayfa 21 / 43

  • de maagA1

    mide

    Ik heb last van mijn maag.

  • de maaltijdA2

    öğün

    Dit is de belangrijkste maaltijd van de dag.

  • de maanA2

    ay (gök cismi)

    Vannacht is de maan helemaal rond.

  • de maandA1

    ay

    Volgende maand ga ik op vakantie.

  • de maandagA1

    pazartesi

    Op maandag begin ik om negen uur.

  • het maandbedragA2

    aylık tutar

    Het maandbedrag is 45 euro.

  • maartA1

    mart

    De cursus start in maart.

  • de maatA2

    beden

    Heeft u dit in een grotere maat?

  • de machineA2

    makine

    Hij werkt met een grote machine in de fabriek.

  • de magnetronA2

    mikrodalga

    Warm het even op in de magnetron.

  • de mamaA1

    anne (anneciğim)

    Mama, mag ik vanmiddag bij mijn vriendin spelen?

  • de manA1

    adam

    Die man werkt in de winkel.


    koca

    Haar man haalt de kinderen van school.

  • de manierA1

    yol, yöntem

    Dat is een handige manier om te oefenen.

  • de marktA2

    pazar

    Op zaterdag is er markt op het plein.

  • het matrasA1

    yatak (şilte)

    Dit matras is te zacht voor mij.

  • de medestudentA2

    öğrenci arkadaşı

    Ik oefen samen met een medestudent.

  • de medewerkerA2

    çalışan, personel

    Een medewerker van de winkel helpt mij met mijn vraag.

  • het medicijnA2

    ilaç

    Neem dit medicijn twee keer per dag.

  • het meelA1

    un

    Voor dit recept heb je meel nodig.

  • meerA1

    daha çok

    Ik heb meer tijd nodig.


    het meer

    göl

    In de zomer zwemmen we in het meer.

  • de meesterA2

    öğretmen (ilkokul); usta

    De meester leest elke dag voor aan de klas.

  • meiA1

    mayıs

    Mijn verjaardag is in mei.

  • de meidA2

    kız (gündelik)

    Onze buurvrouw heeft twee meiden en een zoon.

  • het meisjeA1

    kız çocuk

    Het meisje speelt buiten.

  • de melkA1

    süt

    Wil je melk in je koffie?