Je EigenRoute
GirişKayıt ol

Kelime Bilgisi

7085 kelime · sayfa 164 / 284

  • opererenB2

    opereerde · hebben geopereerd

    ameliyat etmek

    De chirurg opereert haar knie volgende week.

  • opetenA2ayrılabilirdüzensiz

    at op · aten op · hebben opgegeten

    yiyip bitirmek

    Wie heeft alle koekjes uit de trommel opgegeten?

  • opgaanB1ayrılabilirdüzensiz

    ging op · gingen op · zijn opgegaan

    doğmak; çıkmak

    De zon gaat om zes uur op.

  • de opgaveB1

    alıştırma, görev; beyan

    Maak opgave drie en vier voor morgen.

  • opgeluchtA2

    rahatlamış

    Ik was opgelucht toen het voorbij was.

  • opgetogenB2

    sevinçten uçan

    Zij was opgetogen over het nieuws.

  • opgevenB1ayrılabilirdüzensiz

    gaf op · gaven op · hebben opgegeven

    vazgeçmek

    Na drie pogingen gaf hij het op.


    belirtmek, bildirmek

    Geef je gegevens op bij de inschrijving.

  • opgewektA2

    keyifli, canlı

    Ze is meestal heel opgewekt.

  • de opgewektheidB2

    neşelilik

    Haar opgewektheid werkt aanstekelijk.

  • opgewondenB2

    heyecanlı

    De kinderen waren opgewonden over de reis.

  • opgroeienB1ayrılabilir

    groeide op · zijn opgegroeid

    büyümek (yetişmek)

    Ik ben opgegroeid in een klein dorp in Turkije.

  • ophalenA2ayrılabilir

    haalde op · hebben opgehaald

    almaya gelmek

    Ik haal je om zeven uur op.

  • ophangenA2ayrılabilirdüzensiz

    hing op · hingen op · hebben opgehangen

    asmak

    Kun je deze foto aan de muur ophangen?

  • de ophefB2

    kargaşa, tepki

    Zijn uitspraak zorgde voor veel ophef.

  • opheffenB1ayrılabilirdüzensiz

    hief op · hieven op · hebben opgeheven

    kaldırmak

    Het verbod op vuurwerk is nog niet opgeheven.

  • ophoudenB1ayrılabilirdüzensiz

    hield op · hielden op · hebben/zijn opgehouden

    durmak, kesilmek

    Het is eindelijk opgehouden met regenen.

  • de opinieB1

    görüş, fikir

    In de krant geeft elke dag een lezer zijn opinie.

  • de opiniepeilingB2

    kamuoyu anketi

    Volgens de opiniepeiling verliest de partij zetels.

  • het opiniestukB2

    görüş yazısı

    Zij schreef een opiniestuk in de krant.

  • opknappenB1ayrılabilir

    knapte op · hebben opgeknapt

    yenilemek; iyileşmek

    We hebben de oude badkamer helemaal opgeknapt.

  • opkomenB1ayrılabilirdüzensiz

    kwam op · kwamen op · zijn opgekomen

    savunmak; doğmak, çıkmak

    Je moet voor jezelf opkomen op je werk.

  • de opkomstB1

    katılım; yükseliş

    De opkomst bij de verkiezingen was dit jaar hoog.

  • het opkomstpercentageB2

    katılım oranı

    Het opkomstpercentage lag onder de zestig.

  • de oplageB2

    tiraj

    De oplage van de krant daalt al jaren.

  • opleggenB1ayrılabilir

    legde op · hebben opgelegd

    dayatmak, vermek (ceza)

    De rechter legde hem een boete op.