Kelime Bilgisi
7 kelime · sayfa 1 / 1
zeggenA1düzensiz
zei · zeiden · hebben gezegd
söylemek
Wat zei je?
zienA1düzensiz
zag · zagen · hebben gezien
görmek
Ik zie je morgen.
zijnA1düzensiz
was · waren · zijn geweest
olmak
Ik ben blij dat je er bent.
onun (erkek için)
Peter pakt zijn jas en loopt naar buiten.
zingenA2düzensiz
zong · zongen · hebben gezongen
şarkı söylemek
Op verjaardagen zingen we een lied.
zittenA1düzensiz
zat · zaten · hebben gezeten
oturmak
Zij zit op de bank.
içinde olmak, bulunmak
De sleutels zitten in de zak van mijn jas.
zoekenA1düzensiz
zocht · zochten · hebben gezocht
aramak
Ik zoek mijn sleutels.
zullenA1düzensiz
zou · zouden
-ecek (gelecek)
Zullen we koffie drinken?

