U werkt in een winkel. Op een doos staat een onleesbaar etiket. Uw collega wil de doos bij een bestelling zetten, maar weet niet zeker voor welke klant hij is.
Collega: Zal ik deze doos maar bij de bestelling van vanmiddag zetten?
- Geef uw collega advies.
- Leg uit waarom dat verstandig is.