Woordenschat
Filters1
Onderwerpen
404 woorden · pagina 10 van 17
vertrekB1
departure
Het vertrek is om kwart over acht.
vertrekhalA2
departures hall
We spreken af in de vertrekhal.
vertrekkenA2
to depart
De trein vertrekt over vijf minuten.
vertrekperronB1
departure platform
Het vertrekperron is gewijzigd.
vertrektijdA2
departure time
Wat is de vertrektijd van de trein?
vertrouwenB2
trust, confidence
Het kost tijd om vertrouwen op te bouwen.
vertrouwensbandB2
bond of trust
Er groeide een vertrouwensband tussen arts en patiënt.
vertwijfelingB2
despair
In vertwijfeling belde hij de hulplijn.
vervelendB2
unpleasant, annoying
Wat vervelend dat je ziek bent.
vervoerB1
transport
Openbaar vervoer is hier goed geregeld.
vervoerbewijsB1
travel ticket
U moet een geldig vervoerbewijs hebben.
vervoermiddelB1
means of transport
De fiets is hier het populairste vervoermiddel.
vervoersbedrijfB1
transport company
Het vervoersbedrijf past de dienstregeling aan.
vervoerskostenB1
transport costs
De vervoerskosten zijn voor eigen rekening.
vervoersprobleemB1
transport problem
Door een vervoersprobleem kwam ik te laat.
vervolgopleidingB1
follow-up course
Na deze cursus kun je een vervolgopleiding doen.
vervreemdingB2
alienation
Sommigen ervaren vervreemding van hun eigen buurt.
vervroegdB2
early (retirement)
Hij ging vervroegd met pensioen.
vervuilerB2
polluter
De vervuiler betaalt, is het uitgangspunt.
vervuilingB2
pollution
De vervuiling van het water is een probleem.
verwachtenA2
to expect
We verwachten hem om zes uur.
verwachtingA2
expectation
De verwachting is dat het morgen regent.
verwachtingspatroonB2
pattern of expectations
Zijn verwachtingspatroon klopte niet met de werkelijkheid.
verwarmingA2
heating
Zet de verwarming wat lager.
verwerkenB1
to process, to absorb
Je moet de stof eerst goed verwerken.

