EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

289 woorden · pagina 8 van 12

  • openluchttheaterB2

    open-air theatre

    In het openluchttheater spelen ze alleen 's zomers.

  • operatieA2

    operation, surgery

    De operatie is goed gegaan.

  • operatiekamerB2

    operating theatre

    De patiënt ligt al in de operatiekamer.

  • opgeluchtA2

    relieved

    Ik was opgelucht toen het voorbij was.

  • opgetogenB2

    elated, delighted

    Zij was opgetogen over het nieuws.

  • opgevenB2

    to give up

    Na drie pogingen gaf hij het op.

  • opgewektA2

    cheerful

    Ze is meestal heel opgewekt.

  • opgewektheidB2

    cheerfulness

    Haar opgewektheid werkt aanstekelijk.

  • opgewondenB2

    excited

    De kinderen waren opgewonden over de reis.

  • ophalenA2

    to pick up

    Ik haal je om zeven uur op.

  • ophefB2

    commotion, fuss

    Zijn uitspraak zorgde voor veel ophef.

  • opiniepeilingB2

    opinion poll

    Volgens de opiniepeiling verliest de partij zetels.

  • opiniestukB2

    opinion piece

    Zij schreef een opiniestuk in de krant.

  • opkomstpercentageB2

    turnout percentage

    Het opkomstpercentage lag onder de zestig.

  • oplageB2

    circulation, print run

    De oplage van de krant daalt al jaren.

  • opleidingB1

    education, training

    Welke opleiding heb je gedaan?

  • opleidingsadviesB1

    training recommendation

    Ik kreeg een positief opleidingsadvies.

  • opleidingsduurB1

    duration of training

    De opleidingsduur is twee jaar.

  • opleidingsinstituutB2

    training institute

    Het opleidingsinstituut is erkend door de overheid.

  • opleidingskwaliteitB2

    training quality

    De opleidingskwaliteit wordt extern getoetst.

  • opleidingsniveauB2

    level of education

    Het opleidingsniveau van de bevolking is gestegen.

  • oplettenA2

    to pay attention

    Let goed op bij het oversteken.

  • opleveringsinspectieB2

    handover inspection

    Bij de opleveringsinspectie noteer je alle gebreken.

  • oplichtingB2

    swindle, fraud

    Hij deed aangifte van oplichting.

  • oplossingA2

    solution

    Er is vast een oplossing.