Vocabulario
Filtros2
Secciones
Categorías gramaticales
10 palabras · página 1 de 1
zelfstandigB1
independiente
Je moet in deze functie zelfstandig kunnen werken.
zenuwachtigA2
nervioso
Ik ben zenuwachtig voor het examen.
zinloosB2
inútil, sin sentido
Verder discussiëren was zinloos.
zinvolB2
significativo
Vrijwilligerswerk voelt zinvol.
zoetA2
dulce
Deze appel is heel zoet.
zorgvuldigB2
cuidadoso
Zij werkt langzaam maar zorgvuldig.
zorgwekkendB2
preocupante
Zijn toestand is zorgwekkend.
zuurA2
agrio
De melk is zuur geworden.
zwartA1
negro
Hij heeft zwarte schoenen aan.
zwijgzaamB2
callado
Zij is van nature nogal zwijgzaam.

