Vocabulario
Filtros2
Secciones
Categorías gramaticales
363 palabras · página 6 de 15
slavernijverledenB2
pasado esclavista
De stad bood excuses aan voor het slavernijverleden.
slechtA1
malo
Het weer is vandaag slecht.
sleutelA2
llave
Ik ben mijn sleutel kwijt.
sleutelbeenB2
clavícula
Het sleutelbeen breekt vaak bij fietsers.
sleutelbosA1
manojo de llaves
Mijn sleutelbos ligt op de kast.
sleuteloverdrachtB2
entrega de llaves
De sleuteloverdracht is op 1 juli.
sloganB2
eslogan
Iedereen kent die slogan.
slootB2
zanja
Langs het weiland loopt een sloot.
slotformuleB2
fórmula de despedida
"Met vriendelijke groet" is de gebruikelijke slotformule.
sluikB2
lacio
Zijn haar hangt sluik langs zijn gezicht.
sluisB2
esclusa
Het schip wacht voor de sluis.
smaakA2
sabor
De smaak is een beetje zoet.
smaakzinB2
sentido del gusto
De smaakzin verandert met de leeftijd.
smartphoneB2
teléfono inteligente
Vrijwel iedereen heeft een smartphone.
smeltpuntB2
punto de fusión
IJzer heeft een hoog smeltpunt.
smogB2
esmog
Bij warm weer ontstaat sneller smog.
snackA2
tentempié
Neem een gezonde snack mee.
sneeuwB1
nieve
In Nederland valt weinig sneeuw.
snelheidslimietB1
límite de velocidad
Binnen de bebouwde kom geldt een snelheidslimiet van 30.
snelwegA2
autopista
Op de snelweg mag je honderd.
snijplankA2
tabla de cortar
Snijd de groente op de snijplank.
snoepA1
dulces
Kinderen eten te veel snoep.
soberB2
sobrio
De inrichting is bewust sober.
soepA1
sopa
De soep is nog te heet.
softwarelicentieB2
licencia de software
De school betaalt de softwarelicentie.

