Vocabulario
Filtros2
Secciones
Categorías gramaticales
211 palabras · página 1 de 9
objectiefB2
objetivo
Volledig objectieve verslaggeving bestaat niet.
obligatieB2
bono
Obligaties gelden als minder risicovol.
oceaanB2
océano
De oceaan neemt veel warmte op.
ochtendA1
mañana (parte del día)
In de ochtend drink ik koffie.
octrooiB2
patente
Het bedrijf vroeg octrooi aan op de techniek.
oefenexamenB1
examen de práctica
Maak eerst een oefenexamen.
oefeningA2
ejercicio
Maak oefening drie op bladzijde tien.
oefenmateriaalB1
material de práctica
Er is genoeg oefenmateriaal online beschikbaar.
oefenopdrachtB1
tarea de práctica
Maak de oefenopdracht voor volgende week.
oefentoetsA2
prueba de práctica
Maak eerst een oefentoets.
oefenzinB1
frase de práctica
Maak bij elk woord een oefenzin.
oeverB2
orilla
Langs de oever staan wilgen.
ofschoonB2
aunque (formal)
Ofschoon hij twijfelde, stemde hij toe.
oftewelB2
es decir
Het gaat om de cesuur, oftewel de zak-slaaggrens.
oktoberA1
octubre
In oktober vallen de bladeren.
olieA2
aceite
Bak het in een beetje olie.
olijfA1
aceituna
Wil je olijven bij de borrel?
omaA1
abuela
Mijn oma is tachtig jaar.
ombudsmanB2
defensor del pueblo
De ombudsman onderzocht de klacht.
omleidingB1
desvío
Er is een omleiding vanwege wegwerkzaamheden.
omroepB2
cadena de radiodifusión
De publieke omroep wordt deels door de staat betaald.
omscholingB2
reciclaje profesional
Omscholing helpt werknemers aan nieuw werk.
omzetB2
facturación
De omzet groeide met vijf procent.
onbehagenB2
malestar
Er heerst een gevoel van onbehagen onder de bevolking.
onbeleefdheidB2
descortesía
Zulke onbeleefdheid accepteren wij niet.

