Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

224 palabras · página 9 de 9

  • argumentatiefoutB2

    falacia

    In dat betoog zit een duidelijke argumentatiefout.

  • argwaanB2

    recelo

    Zijn verhaal wekte argwaan.

  • armA1

    brazo

    Mijn arm is stijf.

  • armoedeB2

    pobreza

    Ook in rijke landen bestaat armoede.

  • armoedegrensB2

    umbral de pobreza

    Een miljoen mensen leeft onder de armoedegrens.

  • arrogantB2

    arrogante

    Zijn toon kwam arrogant over.

  • articulatieB2

    articulación

    Let bij het spreekexamen op je articulatie.

  • artikelB2

    artículo

    Ik heb een interessant artikel gelezen.

  • artsB2

    médico

    De arts verwees haar door naar het ziekenhuis.

  • asielprocedureB2

    procedimiento de asilo

    De asielprocedure duurt vaak lang.

  • assessmentB2

    assessment de selección

    Het assessment duurt een hele dag.

  • astmaB2

    asma

    Bij astma helpt een inhalator.

  • atmosfeerB2

    atmósfera

    CO2 hoopt zich op in de atmosfeer.

  • atoomB2

    átomo

    Alles bestaat uit atomen.

  • audiotourB2

    audioguía

    De audiotour is in zes talen beschikbaar.

  • auditB2

    auditoría

    De audit vond geen ernstige tekortkomingen.

  • augustusA1

    agosto

    Augustus is vaak de warmste maand.

  • autoA1

    coche

    Onze auto staat voor de deur.

  • automatiseringB2

    automatización

    Automatisering verandert veel beroepen.

  • autoverhuurB1

    alquiler de coches

    Bij de autoverhuur heb je je rijbewijs nodig.

  • autoverzekeringB1

    seguro del coche

    Een autoverzekering is wettelijk verplicht.

  • avondA1

    noche (temprana)

    's Avonds kijk ik televisie.

  • avondetenA2

    cena

    Het avondeten is om zes uur.

  • azijnA1

    vinagre

    Doe wat azijn in de salade.