Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

202 слів · сторінка 5 з 9

  • rekeningoverzichtB1

    виписка з рахунку

    Op het rekeningoverzicht zie je alles terug.

  • rekwisietB2

    реквізит

    Elk rekwisiet ligt op zijn vaste plek.

  • relatieB2

    стосунки

    Hun relatie is de laatste jaren verbeterd.

  • relativerenB2

    розглядати в контексті

    Je moet die cijfers wel relativeren.

  • religieB2

    релігія

    Religie speelt in dit debat een rol.

  • remediëringB2

    корекційна робота

    Na de toets volgt remediëring van de fouten.

  • remmenB1

    гальмувати

    Bij regen moet je eerder remmen.

  • rendementB2

    дохідність

    Het rendement viel tegen.

  • rennenA1

    бігати

    De kinderen rennen door de tuin.

  • renteA2

    відсоток (за вкладом)

    De rente op de spaarrekening is laag.

  • rentepercentageB2

    відсоткова ставка

    Het rentepercentage staat tien jaar vast.

  • rentetariefB1

    відсоткова ставка

    Het rentetarief van deze lening is hoog.

  • reorganisatieB2

    реорганізація

    Door de reorganisatie verdwijnen er banen.

  • reorganiserenB2

    реорганізувати

    De afdeling wordt volgend jaar gereorganiseerd.

  • reparatieA2

    ремонт (полагодження)

    De reparatie wordt door de verhuurder betaald.

  • reparatierechtB2

    право на ремонт

    Het reparatierecht verplicht fabrikanten tot onderdelen.

  • reportageB2

    репортаж

    De reportage duurde twintig minuten.

  • reptielB2

    плазун

    Een hagedis is een reptiel.

  • republiekB2

    республіка

    Sommigen pleiten voor een republiek.

  • reserverenB1

    бронювати

    Je moet vooraf een plaats reserveren.

  • respectB2

    повага

    Met respect kom je verder dan met macht.

  • respijtzorgB2

    перепочинок для доглядальника

    Respijtzorg geeft de mantelzorger even lucht.

  • respondentB2

    респондент

    Ruim tweehonderd respondenten vulden de vragenlijst in.

  • responsB2

    відгук, частка тих, хто відповів

    De respons op de enquête was laag.

  • restafvalB2

    змішані відходи

    Alles wat overblijft, is restafval.