Woordenschat
Filters1
Onderwerpen
425 woorden · pagina 15 van 17
vaststellenB2
to establish, to note
Wij stellen vast dat er niets is veranderd.
verachtenB2
to despise
Hij veracht elke vorm van oneerlijkheid.
verafschuwenB2
to abhor
Hij verafschuwt elke vorm van geweld.
veranderenA2
to change
Er is veel veranderd dit jaar.
verantwoordenB1
to justify, to account for
Je moet je keuzes kunnen verantwoorden.
verbazenB2
to astonish
Zijn reactie verbaasde iedereen.
verbeterenA2
to improve
Mijn Nederlands is dit jaar verbeterd.
verbiedenA2
to forbid
Roken is in het gebouw verboden.
verblekenB2
to turn pale
Hij verbleekte toen hij het hoorde.
verdienenA2
to earn
Hoeveel verdien je per uur?
verduidelijkenB2
to clarify
Kunt u dat punt verduidelijken?
verduurzamenB2
to make more sustainable
De gemeente wil oude woningen verduurzamen.
vergelijkenB2
to compare
Vergelijk beide teksten met elkaar.
vergetenA2
to forget
Ik ben mijn telefoon vergeten.
vergevenB2
to forgive
Zij heeft het hem nooit vergeven.
verheugenB2
to look forward to
Wij verheugen ons op uw komst.
verhuizenA2
to move house
We verhuizen volgende maand naar Rotterdam.
verkopenA1
to sell
Ze verkopen hier verse groente.
vermijdenA2
to avoid
Probeer de spits te vermijden.
veronderstellenB2
to assume
We veronderstellen dat de cijfers kloppen.
verplaatsenA2
to move, to reschedule
Kunnen we de afspraak verplaatsen?
verspreidenB2
to spread
Het bericht werd snel verspreid.
versturenA2
to send off
Verstuur het formulier voor vrijdag.
vertellenA1
to tell
Vertel eens, hoe was je dag?
vertrekkenA2
to depart
De trein vertrekt over vijf minuten.

