Woordenschat
5 woorden · pagina 1 van 1
doorgevenB1
to pass on
Kun je dat aan je collega doorgeven?
doorschakelenB2
to put through
Ik schakel u door naar mijn collega.
doorverbindenB1
to put through (a call)
Ik verbind u door met de juiste afdeling.
doorvragenB2
to probe with follow-up questions
Door goed door te vragen kwam de waarheid boven.
dreigenB2
to threaten
Hij dreigde met een rechtszaak.

