Vocabulario
Filtros1
Secciones
Categorías gramaticales
1493 palabras · página 9 de 60
burgerservicenummerB1
número de servicio ciudadano
U hebt uw burgerservicenummer nodig.
burgerzakenB1
registro civil
Voor een paspoort ga je naar Burgerzaken.
busA2
autobús
De bus stopt voor het station.
bushokjeA2
marquesina
We schuilden in het bushokje voor de regen.
buslijnB1
línea de autobús
Buslijn 12 stopt hier vlakbij.
buspasA2
abono de autobús
Met een buspas reis je goedkoper.
buurmanA1
vecino
De buurman helpt ons vaak.
buurtB1
barrio
Onze buurt is de laatste jaren veranderd.
buurtbemiddelingB1
mediación vecinal
Bij ruzie kun je buurtbemiddeling inschakelen.
buurtfeestB1
fiesta del barrio
Elk jaar is er een buurtfeest in de straat.
buurthuisB1
centro comunitario
In het buurthuis worden taallessen gegeven.
buurtinitiatiefB1
iniciativa vecinal
Het buurtinitiatief kreeg steun van de gemeente.
buurtonderzoekB1
encuesta vecinal
Uit het buurtonderzoek blijkt dat bewoners tevreden zijn.
buurtoverlegB1
reunión vecinal
Het buurtoverleg is elke eerste maandag.
buurtplanB1
plan de barrio
Het buurtplan is samen met bewoners gemaakt.
buurtverenigingB1
asociación vecinal
De buurtvereniging organiseert een straatfeest.
buurtvoorzieningB1
servicio del barrio
De buurtvoorzieningen zijn hier goed geregeld.
buurvrouwA1
vecina
De buurvrouw past op de kinderen.
certificaatB1
certificado
Na de cursus krijg je een certificaat.
champignonA1
champiñón
In de saus zitten champignons.
chauffeurA2
conductor
Vraag het even aan de chauffeur.
chocoladeA1
chocolate
Zij houdt van donkere chocolade.
cijferB1
nota
Ik heb een goed cijfer gehaald.
cijferlijstA2
lista de notas
Op de cijferlijst staan al je resultaten.
citroenA1
limón
Doe wat citroen in het water.

