Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

2021 palabras · página 42 de 81

  • nagelA1

    uña

    Mijn nagels zijn te lang.

  • nagerechtA2

    postre

    Als nagerecht is er ijs.

  • namelijkA2

    es que, a saber

    Ik kan niet komen, ik moet namelijk werken.

  • natA1

    mojado

    Mijn jas is helemaal nat.

  • naturalisatieB1

    naturalización

    Na naturalisatie krijg je het Nederlandse paspoort.

  • natuurbeheerB1

    gestión de la naturaleza

    Natuurbeheer kost veel geld.

  • natuurbeschermingB1

    protección de la naturaleza

    Natuurbescherming is bij wet geregeld.

  • natuurervaringB1

    experiencia en la naturaleza

    Kamperen geeft een echte natuurervaring.

  • natuurlijkB1

    natural; por supuesto

    Dit is een natuurlijk product.

  • natuurrampB1

    desastre natural

    De natuurramp trof duizenden mensen.

  • natuurwandelingB1

    paseo por la naturaleza

    Zondag maken we een natuurwandeling.

  • nauwkeurigB1

    preciso, meticuloso

    Dit werk moet nauwkeurig gebeuren.

  • navragenB1

    consultar, averiguar

    Ik zal het even navragen bij de gemeente.

  • nazorgB1

    seguimiento posterior

    Na de operatie krijgt u nazorg thuis.

  • neefA1

    primo, sobrino

    Mijn neef is even oud als ik.

  • neerslagB1

    precipitaciones

    Er wordt veel neerslag verwacht.

  • negenA1

    nueve

    De winkel opent om negen uur.

  • negentigA1

    noventa

    Hij werd negentig jaar oud.

  • nekA1

    cuello

    Ik heb een stijve nek.

  • nemenA1

    tomar

    Ik neem de trein van acht uur.

  • nergensA2

    en ningún sitio

    Ik kan het nergens vinden.

  • netA1

    justo ahora

    Hij is net weggegaan.

  • netjesA1

    ordenado

    Je kamer ziet er netjes uit.

  • neusA1

    nariz

    Mijn neus is verstopt.

  • nichtA1

    prima, sobrina

    Mijn nicht woont in Rotterdam.