Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

2021 palabras · página 40 de 81

  • mensenA1

    gente

    Er waren veel mensen op het feest.

  • merkA2

    marca

    Welk merk koop jij meestal?

  • merkenA2

    notar

    Ik merk dat het beter gaat.

  • mesA1

    cuchillo

    Dit mes is niet scherp.

  • metA1

    con

    Ik ga met de fiets.

  • meteenA1

    enseguida

    Ik kom er meteen aan.

  • metroA2

    metro

    In Amsterdam kun je met de metro.

  • meubelsA2

    muebles

    We hebben nieuwe meubels gekocht.

  • middagA1

    tarde

    We eten om twaalf uur 's middags.

  • middernachtA1

    medianoche

    De trein rijdt tot middernacht.

  • milieubewustB1

    concienciado con el medio ambiente

    Zij leeft heel milieubewust.

  • milieumaatregelB1

    medida ambiental

    De gemeente neemt nieuwe milieumaatregelen.

  • milieuvriendelijkB1

    ecológico

    Dit schoonmaakmiddel is milieuvriendelijk.

  • milieuzoneB1

    zona de bajas emisiones

    Oude auto's mogen de milieuzone niet in.

  • minderA1

    menos

    Ik werk nu minder uren.

  • minimumloonA2

    salario mínimo

    Hij verdient het minimumloon.

  • minuutA1

    minuto

    Wacht even, nog één minuut.

  • misschienA2

    quizás

    Misschien kom ik later.

  • misselijkA2

    con náuseas

    Ik voel me een beetje misselijk.

  • missenA2

    perder; echar de menos

    Ik heb de bus gemist.

  • mistB1

    niebla

    Door de mist reden de auto's langzaam.

  • misverstandB1

    malentendido

    Het was gewoon een misverstand.

  • moeA1

    cansado

    Ik ben vandaag heel moe.

  • moederA1

    madre

    Mijn moeder woont in Utrecht.

  • moedigA2

    valiente

    Dat was een moedige beslissing.