Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

83 palabras · página 4 de 4

  • wieA1

    quién

    Wie is dat?

  • zesA1

    seis

    We eten om zes uur.

  • zestigA1

    sesenta

    Mijn vader is zestig geworden.

  • zevenA1

    siete

    Een week heeft zeven dagen.

  • zeventigA1

    setenta

    Buiten de bebouwde kom mag je zeventig.

  • zoA1

    así

    Doe het zo.

  • zodatB2

    de modo que

    Schrijf duidelijk, zodat iedereen het begrijpt.

  • zonderA1

    sin

    Koffie zonder suiker, alstublieft.