Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

2021 palabras · página 39 de 81

  • marktA2

    mercado

    Op zaterdag is er markt op het plein.

  • matrasA1

    colchón

    Dit matras is te zacht voor mij.

  • mededelingB1

    comunicado

    Er hangt een mededeling op het prikbord.

  • medestudentA2

    compañero de clase

    Ik oefen samen met een medestudent.

  • medicatieB1

    medicación

    Neem uw medicatie mee naar het gesprek.

  • medicijnA2

    medicamento

    Neem dit medicijn twee keer per dag.

  • medicijnkastB1

    botiquín

    Bewaar medicijnen in de medicijnkast.

  • medicijnkuurB1

    tratamiento farmacológico

    Maak de medicijnkuur helemaal af.

  • medicijnvoorschriftB1

    receta médica

    Zonder medicijnvoorschrift krijg je dit niet.

  • medischB1

    médico

    Er is geen medische reden voor.

  • meedelenB1

    comunicar

    Wij delen u mee dat de afspraak verzet is.

  • meedoenA2

    participar

    Doe je mee met de cursus?

  • meelA1

    harina

    Voor dit recept heb je meel nodig.

  • meemakenA2

    vivir (una experiencia)

    Ik heb veel meegemaakt dit jaar.

  • meenemenA2

    llevar consigo

    Neem je paspoort mee.

  • meerA1

    más

    Ik heb meer tijd nodig.

  • meestalA2

    normalmente

    Ik ga meestal met de fiets.

  • meesteA1

    la mayoría

    De meeste mensen komen met de fiets.

  • meiA1

    mayo

    Mijn verjaardag is in mei.

  • meisjeA1

    chica

    Het meisje speelt buiten.

  • meldenB1

    notificar

    U moet een verhuizing melden bij de gemeente.

  • meldpuntB1

    punto de denuncia

    Er is een meldpunt voor discriminatie.

  • melkA1

    leche

    Wil je melk in je koffie?

  • meningB1

    opinión

    Wat is jouw mening hierover?

  • mensA1

    persona

    Hij is een aardig mens.