Vocabulario
Filtros
Secciones
Categorías gramaticales
2021 palabras · página 34 de 81
kosteloosB1
sin coste
Het advies is kosteloos.
kostenA2
costes
De kosten vallen mee.
kostenbewustB1
consciente del gasto
Wij leven kostenbewust sinds de prijzen stegen.
kostendelingB1
reparto de gastos
We spraken kostendeling af voor de reis.
kostenoverzichtB1
desglose de costes
Vraag om een volledig kostenoverzicht.
kostenpostB1
partida de gasto
De huur is mijn grootste kostenpost.
kostenramingB1
estimación de costes
De aannemer maakte een kostenraming.
kostenverdelingB1
reparto de costes
We spraken een eerlijke kostenverdeling af.
koudA1
frío
Het eten is koud geworden.
kraanA2
grifo
De kraan lekt al een week.
krantA1
periódico
Mijn vader leest elke dag de krant.
kredietaanbodB1
oferta de crédito
Kijk goed naar het kredietaanbod voordat je tekent.
krijgenA1
recibir
Ik heb een brief gekregen.
kruidenA2
hierbas, especias
Doe er wat kruiden bij.
kunnenA1
poder
Kun je mij helpen?
kussenA1
almohada, cojín
Dit kussen is te hard.
kwaadA2
enojado
Hij werd kwaad om die opmerking.
kwaliteitA2
calidad
De kwaliteit is goed voor die prijs.
kwartierA1
cuarto de hora
Het duurt nog een kwartier.
kwitantieB1
recibo (formal)
Vraag om een kwitantie bij contante betaling.
laadpaalB1
punto de carga
Bij het station staan laadpalen voor elektrische auto's.
laagA1
bajo
De prijs is nu laag.
laatA1
tarde
Sorry dat ik te laat ben.
laatsteA1
último
Dit is de laatste bus.
lachenA1
reír
We hebben veel gelachen.

