Vocabulario
Filtros
Secciones
Categorías gramaticales
2021 palabras · página 28 de 81
hulpaanvraagB1
solicitud de ayuda
Uw hulpaanvraag wordt binnen twee weken behandeld.
hulpinstantieB1
organismo de ayuda
Er zijn hulpinstanties die gratis advies geven.
hulpmiddelB1
ayuda técnica
Een rollator is een handig hulpmiddel.
hulpverlenerB1
trabajador de apoyo
Een hulpverlener begeleidt het gezin.
huurA2
alquiler
De huur moet voor de eerste van de maand betaald worden.
huurbetalingB1
pago del alquiler
De huurbetaling gaat automatisch van mijn rekening.
huurcontractA2
contrato de alquiler
Lees het huurcontract goed door.
huurderA2
inquilino
De huurder moet kleine reparaties zelf doen.
huurprijsB1
precio del alquiler
De huurprijs gaat elk jaar omhoog.
huurtoeslagB1
ayuda al alquiler
Ik ontvang huurtoeslag van de Belastingdienst.
huurverhogingA2
subida del alquiler
De huurverhoging gaat in juli in.
huurwoningB1
vivienda de alquiler
De wachttijd voor een sociale huurwoning is jaren.
huwelijkA1
matrimonio, boda
Hun huwelijk was in juni.
hypotheekB1
hipoteca
Zij hebben een hypotheek van dertig jaar.
ideeA2
idea
Dat is een goed idee.
identiteitsbewijsB1
documento de identidad
Neem een geldig identiteitsbewijs mee.
identiteitscontroleB1
control de identidad
Bij binnenkomst is er een identiteitscontrole.
iedereA1
cada
Iedere maandag heb ik les.
iedereenA1
todos
Iedereen is welkom.
iemandA1
alguien
Er staat iemand voor de deur.
ietsA1
algo
Wil je iets drinken?
ijsA1
hielo, helado
De kinderen willen een ijsje.
inA1
en
Het zit in de kast.
inburgeringB1
integración cívica
De inburgering is verplicht voor veel nieuwkomers.
inburgeringsexamenB1
examen de integración cívica
Zij is geslaagd voor het inburgeringsexamen.

