Vocabulario
2767 palabras · página 23 de 111
de druifA1
uva
Deze druiven zijn erg zoet.
drukA1
concurrido, ajetreado
Het is druk in de stad.
dubbelB1
doble
Door de storing betaalde ik de rekening dubbel.
duidelijkA1
claro
Is het nu duidelijk?
duikenB1irregular
dook · doken · hebben/zijn gedoken
bucear, zambullirse
De jongens duiken van de brug in het water.
duizendA1
mil
Er kwamen duizend bezoekers.
dunA1
fino, delgado
Snijd het brood dun.
durenA2
duurde · hebben geduurd
durar
Hoe lang duurt de les?
durvenA1
durfde · hebben gedurfd
atreverse
Ik durf het niet te vragen.
dusA1
así que
Het is laat, dus ik ga naar huis.
duurA2
caro
Die telefoon is te duur.
de duur
duración
De duur van de cursus is zes maanden.
duurzaamA2
sostenible
Ze zoeken een duurzame oplossing.
de dvdA2
DVD
We kijken vanavond samen naar een oude dvd.
dweilenA2
dweilde · hebben gedweild
fregar el suelo
De vloer moet nog gedweild worden.
dwingenB1irregular
dwong · dwongen · hebben gedwongen
obligar, forzar
Niemand kan je dwingen om te stoppen met je studie.
het e-mailberichtB1
mensaje de correo
Ik stuurde een e-mailbericht naar de gemeente.
echtA1
de verdad, real
Is dat echt waar?
de echtgenootA1
esposo
Haar echtgenoot werkt in het buitenland.
de economieA2
economía
De economie groeide licht dit kwartaal.
economischA2
económico
De economische situatie is onzeker.
éénA1
uno
Ik heb maar één broer en twee zussen.
eenmaalB1
una vez; (nu eenmaal) así es
Het is nu eenmaal zo, daar kunnen we niets aan doen.
eensA2
alguna vez; (partícula suavizadora)
Kom eens langs als je tijd hebt.
eenvoudigB1
sencillo
De uitleg was eenvoudig en duidelijk.
eenzaamA2
solo (solitario)
In het begin voelde hij zich eenzaam.

