Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

106 palabras · página 2 de 5

  • eerstA1

    primero, en primer lugar

    Ik ga eerst douchen.

  • eigenlijkA1

    en realidad

    Eigenlijk vind ik het geen goed idee.

  • ergA1

    muy; grave

    Dat is erg vervelend.

  • ergensA2

    en algún sitio

    Mijn sleutels liggen hier ergens.

  • evenA1

    un momento

    Wacht even, ik kom eraan.

  • gauwA1

    pronto

    Tot gauw!

  • geledenA1

    hace (tiempo)

    Ik ben drie jaar geleden naar Nederland gekomen.

  • genoegA1

    suficiente

    Er is genoeg eten voor iedereen.

  • gisteravondA2

    anoche

    Gisteravond hebben we lekker gegeten bij vrienden.

  • gisterenA1

    ayer

    Gisteren was ik ziek.

  • graagA1

    con gusto

    Ik drink graag koffie.

  • heelA1

    muy; entero

    Het is heel warm vandaag.

  • heenA2

    ida (ida y vuelta)

    Ik heb een kaartje heen en terug gekocht.

  • helaasA2

    por desgracia

    Helaas kan ik niet komen.

  • helemaalA2

    completamente

    Ik ben de afspraak bij de tandarts helemaal vergeten.

  • hierA1

    aquí

    Ik woon hier al drie jaar.

  • hopelijkA2

    ojalá, con suerte

    Hopelijk is het morgen mooi weer voor het feest.

  • inderdaadA2

    efectivamente

    Dat klopt inderdaad.

  • ineensA2

    de golpe

    Ineens ging het licht in het hele huis uit.

  • jaarlijksA1

    anualmente

    Er is jaarlijks een buurtfeest.

  • laterA1

    más tarde

    We bellen later wel even.

  • lieverA1

    preferiblemente

    Ik drink liever thee.

  • linksA1

    izquierda

    Sla bij de kerk links af.

  • meeA1

    con (nosotros), también

    Ga je vanavond mee naar de bioscoop?

  • meestalA2

    normalmente

    Ik ga meestal met de fiets.