Vocabulario
Filtros1
Secciones
Categorías gramaticales
4140 palabras · página 155 de 166
weerB1
tiempo (clima)
Het weer verandert hier snel.
weeralarmB1
alerta meteorológica
Het KNMI gaf een weeralarm af.
weerberichtB2
parte meteorológico
Volgens het weerbericht wordt het droog.
weerkaartB1
mapa del tiempo
Op de weerkaart zie je een depressie boven zee.
weerleggingB2
refutación
Zijn weerlegging overtuigde niemand.
weersinvloedB1
influencia del clima
De oogst heeft last van weersinvloeden.
weersomstandigheidB1
condición meteorológica
Door slechte weersomstandigheden ging de vlucht niet.
weerstandB2
resistencia
Het plan riep veel weerstand op.
weersverwachtingB1
previsión del tiempo
Volgens de weersverwachting gaat het regenen.
weersvoorspellingB2
pronóstico del tiempo
De weersvoorspelling klopte niet.
weerwoordB2
réplica
Hij had geen weerwoord op die kritiek.
wegA1
camino, carretera
Deze weg gaat naar het centrum.
wegdekB2
firme de la carretera
Het wegdek is glad bij regen.
wegennetB1
red de carreteras
Nederland heeft een dicht wegennet.
wegonderhoudB1
mantenimiento vial
Vanwege wegonderhoud is de weg afgesloten.
wegverkeerB1
tráfico rodado
Het wegverkeer neemt elk jaar toe.
wegwerkzaamhedenB1
obras en la carretera
Er zijn wegwerkzaamheden op de A2.
wegwijzerB1
señal indicadora
Volg de wegwijzers naar het centrum.
weilandB1
prado
In het weiland staan koeien.
welbespraaktB2
elocuente
Hij is een welbespraakt spreker.
welkomA1
bienvenido
Welkom bij ons thuis!
welsprekendB2
elocuente
Zij is een welsprekend spreker.
welvaartB2
prosperidad
Nederland kent een hoge welvaart.
welvaartsniveauB2
nivel de bienestar
Het welvaartsniveau is hier hoog.
welvaartspeilB2
nivel de bienestar
Het welvaartspeil verschilt sterk per regio.

