Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

5046 palabras · página 112 de 202

  • oefenenB1

    practicar

    Je moet elke dag oefenen.

  • oefenexamenB1

    examen de práctica

    Maak eerst een oefenexamen.

  • oefeningA2

    ejercicio

    Maak oefening drie op bladzijde tien.

  • oefenmateriaalB1

    material de práctica

    Er is genoeg oefenmateriaal online beschikbaar.

  • oefenopdrachtB1

    tarea de práctica

    Maak de oefenopdracht voor volgende week.

  • oefentoetsA2

    prueba de práctica

    Maak eerst een oefentoets.

  • oefenzinB1

    frase de práctica

    Maak bij elk woord een oefenzin.

  • oeverB2

    orilla

    Langs de oever staan wilgen.

  • ofA1

    o

    Wil je thee of koffie?

  • ofschoonB2

    aunque (formal)

    Ofschoon hij twijfelde, stemde hij toe.

  • oftewelB2

    es decir

    Het gaat om de cesuur, oftewel de zak-slaaggrens.

  • ogenschijnlijkB2

    en apariencia

    Het probleem is ogenschijnlijk klein.

  • oktoberA1

    octubre

    In oktober vallen de bladeren.

  • olieA2

    aceite

    Bak het in een beetje olie.

  • olijfA1

    aceituna

    Wil je olijven bij de borrel?

  • omaA1

    abuela

    Mijn oma is tachtig jaar.

  • ombudsmanB2

    defensor del pueblo

    De ombudsman onderzocht de klacht.

  • omdatA1

    porque

    Ik kom niet, omdat ik moet werken.

  • omleidingB1

    desvío

    Er is een omleiding vanwege wegwerkzaamheden.

  • omroepB2

    cadena de radiodifusión

    De publieke omroep wordt deels door de staat betaald.

  • omscholingB2

    reciclaje profesional

    Omscholing helpt werknemers aan nieuw werk.

  • omzetB2

    facturación

    De omzet groeide met vijf procent.

  • onafhankelijkB2

    independiente

    De rechter oordeelt onafhankelijk.

  • onbehagenB2

    malestar

    Er heerst een gevoel van onbehagen onder de bevolking.

  • onbeleefdheidB2

    descortesía

    Zulke onbeleefdheid accepteren wij niet.