Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

21 palabras · página 1 de 1

  • vaderA1

    padre

    Mijn vader kookt heel goed.

  • vensterbankA1

    alféizar

    Op de vensterbank staan planten.

  • verA1

    lejos

    Is het nog ver?

  • verdiepingA1

    planta

    Wij wonen op de derde verdieping.

  • verjaardagA1

    cumpleaños

    Morgen is mijn verjaardag.

  • verloofdA1

    prometido

    Ze zijn sinds vorige maand verloofd.

  • vierkantA1

    cuadrado

    Het plein is bijna vierkant.

  • vingerA1

    dedo

    Ik heb mijn vinger gesneden.

  • visA1

    pescado

    Op vrijdag eten we vaak vis.

  • vlaA1

    natillas

    Als toetje eten we vla.

  • vleesA1

    carne

    Zij eet geen vlees.

  • vloerA1

    suelo

    De vloer is nog nat.

  • voetA1

    pie

    Mijn voet doet zeer.

  • voordeurA1

    puerta principal

    De voordeur zit op slot.

  • vorkA1

    tenedor

    Er ligt geen vork op tafel.

  • vriendinA1

    amiga, novia

    Mijn vriendin komt uit Spanje.

  • vriendschapA1

    amistad

    Onze vriendschap duurt al twintig jaar.

  • vrijA1

    libre

    Is deze stoel vrij?

  • vrijdagA1

    viernes

    Vrijdag werk ik thuis.

  • vroegA1

    temprano

    Ik sta elke dag vroeg op.

  • vrouwA1

    mujer

    De vrouw leest een boek.