Vocabulario
41 palabras · página 2 de 2
totA1
hasta
De winkel is open tot zes uur.
tot ziensA1
hasta luego
Tot ziens, fijne dag nog!
het touwA1
cuerda
Bind de doos vast met touw.
de trapA1
escalera
De trap is erg steil.
trotsA1
orgulloso; orgullo
Ze is trots op wat ze bereikt heeft.
trouwenA1
trouwde · zijn getrouwd
casarse
Zij gaan in juni trouwen.
de tuinA1
jardín
We hebben een kleine tuin achter het huis.
het tuinpadA1
camino del jardín
Het tuinpad ligt vol bladeren.
de tuinstoelA1
silla de jardín
De tuinstoelen staan in de schuur.
tussenA1
entre
De winkel zit tussen de bank en het café.
de tvA1
tele, TV
We kijken vanavond samen een film op tv.
twaalfA1
doce
We eten om twaalf uur.
tweeA1
dos
Ik heb twee kinderen.
tweedeA1
segundo
Neem de tweede straat rechts.
de tweelingA1
gemelos
Zij heeft een tweeling gekregen.
twintigA1
veinte
Het kost twintig euro.

