Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

139 palabras · página 3 de 6

  • de sinaasappelA1

    naranja

    Ik pers elke ochtend een sinaasappel.

  • sindsA1

    desde

    Ik woon hier sinds 2022.

  • de situatieA2

    situación

    Leg de situatie even uit.

  • de slaA1

    lechuga

    Er ligt sla in de koelkast.

  • de slaapA1

    sueño

    Ik heb te weinig slaap gehad.

  • het slaapgebrekA2

    falta de sueño

    Door slaapgebrek kan ik me slecht concentreren.

  • de slaapkamerA1

    dormitorio

    Wij hebben twee slaapkamers.

  • het slachtofferA1

    víctima

    Het slachtoffer is aanspreekbaar.

  • de slagerA2

    carnicería

    Bij de slager is het vlees beter.

  • slapenA1irregular

    sliep · sliepen · hebben geslapen

    dormir

    Ik heb slecht geslapen.

  • slechtA1

    malo

    Het weer is vandaag slecht.

  • de sleutelA2

    llave

    Ik ben mijn sleutel kwijt.

  • het sleutelbosA1

    manojo de llaves

    Mijn sleutelbos ligt op de kast.

  • slimA2

    listo, inteligente

    Dat is een slim idee, zo besparen we tijd.

  • sluitenA1irregular

    sloot · sloten · hebben gesloten

    cerrar

    De deur sluit automatisch.

  • de smaakA2

    sabor

    De smaak is een beetje zoet.

  • de snackA2

    tentempié

    Neem een gezonde snack mee.

  • snappenA2

    snapte · hebben gesnapt

    pillar, entender (coloquial)

    Ik snap niet wat de docent bedoelt.

  • snelA1

    rápido

    Hij loopt heel snel.

  • de snelwegA2

    autopista

    Op de snelweg mag je honderd.

  • snijdenA2irregular

    sneed · sneden · hebben gesneden

    cortar

    Snijd de groente in kleine stukjes.

  • de snijplankA2

    tabla de cortar

    Snijd de groente op de snijplank.

  • het snoepA1

    dulces

    Kinderen eten te veel snoep.

  • sociaalA1

    social

    Hij is heel sociaal en maakt snel contact.

  • de soepA1

    sopa

    De soep is nog te heet.