Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

29 palabras · página 1 de 2

  • de ochtendA1

    mañana (parte del día)

    In de ochtend drink ik koffie.

  • ofA1

    o

    Wil je thee of koffie?

  • oktoberA1

    octubre

    In oktober vallen de bladeren.

  • de olijfA1

    aceituna

    Wil je olijven bij de borrel?

  • omA1

    a (la hora); alrededor de

    De les begint elke dag om half negen.


    para (om … te)

    Ik ga naar de bibliotheek om te studeren.

  • de omaA1

    abuela

    Mijn oma woont in een klein dorp.

  • omdatA1

    porque

    Ik kom niet, omdat ik moet werken.

  • onderA1

    debajo

    De doos staat onder het bed.

  • het onderzoekA1

    examen, estudio

    Het onderzoek liet niets bijzonders zien.

  • ongeveerA1

    aproximadamente

    Het duurt ongeveer een uur.

  • ontvangenA1irregular

    ontving · ontvingen · hebben ontvangen

    recibir; acoger (visitas)

    Ik heb je bericht ontvangen.

  • ontwikkelenA1

    ontwikkelde · hebben ontwikkeld

    desarrollar (algo)

    Het bedrijf ontwikkelt een nieuwe app.


    zich ontwikkelenreflexivo

    desarrollarse

    Kinderen ontwikkelen zich in hun eigen tempo.

  • de ontwikkelingA1

    desarrollo

    Er is ruimte voor persoonlijke ontwikkeling.

  • het oogA1

    ojo

    Er zit iets in mijn oog.

  • ookA1

    también

    Ik kom ook mee.

  • de oomA1

    tío

    Mijn oom woont in Duitsland.

  • het oorA1

    oreja

    Mijn oor doet pijn.

  • opA1

    sobre, en

    Zet de kopjes op de tafel.

  • de opaA1

    abuelo

    Mijn opa vertelt graag verhalen.

  • openA1

    abierto

    De winkel is nog open.

  • openbaarA1

    público

    De vergadering is openbaar.

  • openenA1

    opende · hebben geopend

    abrir

    De winkel opent om negen uur.

  • opnieuwA1

    de nuevo

    Probeer het opnieuw.

  • oranjeA1

    naranja (color)

    Het Nederlands elftal speelt in oranje.

  • oudA1

    viejo

    Dit is een oud gebouw.