Vocabulario
Filtros1
Secciones
Categorías gramaticales
49 palabras · página 2 de 2
nekA1
cuello
Ik heb een stijve nek.
nemenA1
tomar
Ik neem de trein van acht uur.
nergensA2
en ningún sitio
Ik kan het nergens vinden.
netA1
justo ahora
Hij is net weggegaan.
netjesA1
ordenado
Je kamer ziet er netjes uit.
neusA1
nariz
Mijn neus is verstopt.
nichtA1
prima, sobrina
Mijn nicht woont in Rotterdam.
niemandA1
nadie
Er is niemand thuis.
nierA1
riñón
Hij heeft problemen met zijn nieren.
nietA1
no
Ik begrijp het niet.
nietsA1
nada
Ik heb niets gezegd.
nieuwA1
nuevo
Ik heb een nieuwe telefoon.
nieuwsgierigA2
curioso
Ik ben nieuwsgierig naar het resultaat.
niveauB1
nivel
Op welk niveau zit je nu?
nodigA2
necesario
Ik heb je hulp nodig.
nogA1
todavía
Ik ben nog niet klaar.
nogmaalsA1
una vez más
Nogmaals bedankt voor je hulp.
nooitA1
nunca
Ik drink nooit alcohol.
nootA1
nuez
Ik ben allergisch voor noten.
normaalA2
normal
Dat is hier heel normaal.
notitieB1
nota
Ik maakte een notitie tijdens het gesprek.
novemberA1
noviembre
November is een donkere maand.
nuA1
ahora
Ik heb nu geen tijd.
nummerA1
número
Wat is je telefoonnummer?

