Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

15 palabras · página 1 de 1

  • kalendB2

    que se está quedando calvo

    Hij is licht kalend.

  • kennelijkB2

    evidentemente

    Hij had de vraag kennelijk niet begrepen.

  • klaarA2

    listo

    Het eten is klaar.

  • klaarblijkelijkB2

    manifiestamente

    Hij had klaarblijkelijk haast.

  • klantgerichtB1

    orientado al cliente

    Wij werken klantgericht.

  • kleinA1

    pequeño

    Mijn kamer is klein maar gezellig.

  • klimaatbestendigB2

    resiliente al clima

    Steden moeten klimaatbestendig worden ingericht.

  • koppigB2

    testarudo

    Hij is te koppig om zijn fout toe te geven.

  • kortA1

    corto

    Het was maar een korte pauze.

  • kosteloosB1

    sin coste

    Het advies is kosteloos.

  • koudA1

    frío

    Het eten is koud geworden.

  • kritischB2

    crítico

    Lees de tekst kritisch.

  • krullendB2

    rizado

    Zij heeft krullend haar.

  • kwaadA2

    enojado

    Hij werd kwaad om die opmerking.

  • kwetsendB2

    hiriente

    Die opmerking was onnodig kwetsend.