Vocabulario
Filtros1
Secciones
Categorías gramaticales
189 palabras · página 6 de 8
boeteB1
multa
Ik heb een boete gekregen voor te hard rijden.
bonA2
recibo
Bewaar de bon voor de garantie.
boodschappenA2
compras (de comida)
Ik doe zaterdag boodschappen.
boodschappenlijstjeA2
lista de la compra
Ik maak altijd een boodschappenlijstje.
boodschappentasA2
bolsa de la compra
Neem je eigen boodschappentas mee.
boomB1
árbol
Voor het huis staat een grote boom.
boomsoortB1
especie de árbol
Welke boomsoort groeit hier het beste?
boonA1
judía
Er staan bonen op het menu.
boosA2
enfadado
Hij was boos op zijn collega.
bordA1
plato
Zet de borden op tafel.
borgA2
fianza
De borg krijg je later terug.
borstA1
pecho
Hij voelt pijn op zijn borst.
bosB1
bosque
We wandelen graag in het bos.
bosgebiedB1
zona boscosa
Het bosgebied is beschermd.
boterA1
mantequilla
Doe wat boter op je brood.
boterhamA1
rebanada de pan
Ik neem twee boterhammen mee.
bovenA1
arriba
De slaapkamers zijn boven.
bovendienA2
además
Het is duur en bovendien ver weg.
breedA1
ancho
Dit is een brede straat.
brengenA2
llevar, traer
Ik breng de kinderen naar school.
briefA1
carta
Ik heb een brief van de gemeente gekregen.
briefkaartB1
postal
Ik stuurde een briefkaart uit Spanje.
briefopbouwB1
estructura de la carta
Let op de briefopbouw: aanhef, kern, afsluiting.
briefstijlB1
estilo epistolar
De briefstijl is hier formeler dan in mijn land.
briefwisselingB1
correspondencia
De briefwisseling met de gemeente duurde maanden.

