Vocabulario
57 palabras · página 2 de 3
overurenA2
horas extras
Deze week heb ik veel overuren gemaakt.
pauzeA2
descanso
We hebben om twaalf uur pauze.
personeelA2
personal
Het restaurant zoekt nieuw personeel.
ploegendienstA2
trabajo por turnos
Hij werkt in ploegendienst.
roosterA2
horario
Het rooster voor volgende week hangt er.
salarisA2
salario
Het salaris wordt aan het einde van de maand betaald.
salarisschaalA2
escala salarial
Ik zit in salarisschaal 7.
sollicitatieA2
solicitud de empleo
Mijn sollicitatie is afgewezen.
sollicitatiegesprekA2
entrevista de trabajo
Ik heb morgen een sollicitatiegesprek.
taakA2
tarea
Dat is niet mijn taak.
taakomschrijvingA2
descripción de tareas
Dat staat niet in mijn taakomschrijving.
takenlijstA2
lista de tareas
Ik werk mijn takenlijst af.
teamvergaderingA2
reunión de equipo
De teamvergadering is elke maandag.
uniformA2
uniforme
Op dit werk draag je een uniform.
vakantieaanvraagA2
solicitud de vacaciones
Doe je vakantieaanvraag op tijd.
vakantiedagenA2
días de vacaciones
Ik heb nog tien vakantiedagen over.
veiligA2
seguro
Werk altijd veilig met deze machine.
verdienenA2
ganar
Hoeveel verdien je per uur?
vergaderingA2
reunión
De vergadering begint om negen uur.
vergoedingA2
compensación
Je krijgt een vergoeding voor de reiskosten.
werkafspraakA2
acuerdo de trabajo
We maken hierover een werkafspraak.
werkbriefjeA2
hoja de horas
Lever je werkbriefje op vrijdag in.
werkdagA2
jornada laboral
Het was een lange werkdag.
werkgeverA2
empleador
Mijn werkgever betaalt de cursus.
werkinstructieA2
instrucción de trabajo
Lees de werkinstructie goed door.

