Vocabulario
12 palabras · página 1 de 1
taakA2
tarea
Dat is niet mijn taak.
taakinhoudB1
contenido del puesto
De taakinhoud verandert vanaf januari.
taakomschrijvingA2
descripción de tareas
Dat staat niet in mijn taakomschrijving.
taakstellingB1
objetivo asignado
De taakstelling voor dit jaar is ambitieus.
taakverantwoordelijkheidB1
responsabilidad de la tarea
Iedereen kent zijn eigen taakverantwoordelijkheid.
taakverdelingB1
reparto de tareas
We maken een duidelijke taakverdeling.
takenlijstA2
lista de tareas
Ik werk mijn takenlijst af.
takenpakketB1
conjunto de tareas
Mijn takenpakket is dit jaar uitgebreid.
teamgeestB1
espíritu de equipo
De teamgeest is hier goed.
teamleiderB1
jefe de equipo
Vraag het even aan de teamleider.
teamoverlegB1
reunión de equipo
Het teamoverleg is op dinsdagochtend.
teamvergaderingA2
reunión de equipo
De teamvergadering is elke maandag.

