Vocabulario
Filtros1
Sección: Naturaleza y medio ambiente
Categorías gramaticales
87 palabras · página 1 de 4
afvalbakB1
papelera
Gooi het in de afvalbak.
afvalcontainerB1
contenedor de basura
De afvalcontainer wordt woensdag geleegd.
afvalinzamelingB1
recogida de residuos
De afvalinzameling is op donderdag.
begroeiingB1
vegetación
Langs de sloot staat dichte begroeiing.
bloemB1
flor
Ik heb bloemen voor haar gekocht.
bodemB1
suelo
De bodem hier is erg vruchtbaar.
bodemsoortB1
tipo de suelo
De bodemsoort bepaalt wat er kan groeien.
boomB1
árbol
Voor het huis staat een grote boom.
boomsoortB1
especie de árbol
Welke boomsoort groeit hier het beste?
bosB1
bosque
We wandelen graag in het bos.
bosgebiedB1
zona boscosa
Het bosgebied is beschermd.
buitenB1
fuera
De kinderen spelen buiten.
dierB1
animal
In het park zie je veel dieren.
dijkB1
dique
Nederland wordt beschermd door dijken.
droogteB1
sequía
Door de droogte mag je de tuin niet sproeien.
grasB1
hierba
Het gras moet gemaaid worden.
groengebiedB1
zona verde
Er komt een nieuw groengebied bij de wijk.
groenstrookB1
franja verde
Langs de weg ligt een brede groenstrook.
groenvoorzieningB1
zonas verdes públicas
De gemeente onderhoudt de groenvoorziening.
grondwaterB1
agua subterránea
Het grondwater staat hier hoog.
hitteB1
calor intenso
De hitte was ondraaglijk deze zomer.
hittegolfB1
ola de calor
Tijdens de hittegolf werd het veertig graden.
hoogwaterB1
marea alta
Bij hoogwater staan de dijken onder druk.
insectB1
insecto
In de zomer zijn er veel insecten.
klimaatgevolgB1
consecuencia climática
De klimaatgevolgen zijn hier al zichtbaar.

