Vocabulario
Filtros1
Sección: Naturaleza y medio ambiente
Categorías gramaticales
439 palabras · página 3 de 18
buitenB1
fuera
De kinderen spelen buiten.
buitenrecreatieB2
ocio al aire libre
Buitenrecreatie werd na de pandemie populairder.
chemische reactieB2
reacción química
Bij deze chemische reactie komt warmte vrij.
circulairB2
circular
In een circulaire economie wordt bijna alles hergebruikt.
circulaire economieB2
economía circular
In een circulaire economie bestaat afval niet.
compostB2
compost
Van groenafval maak je compost.
dalB2
valle
In het dal is het warmer.
dauwB2
rocío
Het gras was nat van de dauw.
deelgebruikB2
uso compartido
Deelgebruik van auto's scheelt parkeerplaatsen.
delfstofB2
recurso mineral
Het land is rijk aan delfstoffen.
deltaB2
delta
Nederland ligt in een delta.
denB2
pino
Op de zandgrond groeien vooral dennen.
dierB1
animal
In het park zie je veel dieren.
dierenwelzijnB2
bienestar animal
Dierenwelzijn speelt mee bij de keuze van vlees.
diersoortB2
especie animal
Veel diersoorten worden met uitsterven bedreigd.
dijkB1
dique
Nederland wordt beschermd door dijken.
dijkdoorbraakB2
rotura del dique
Een dijkdoorbraak zou rampzalig zijn.
dooiB2
deshielo
Na de dooi kwamen er gaten in de weg.
douchekopB2
alcachofa de ducha
Een zuinige douchekop halveert het verbruik.
droogleggingB2
desecación
De drooglegging duurde jaren.
droogteB1
sequía
Door de droogte mag je de tuin niet sproeien.
droogteperiodeB2
período de sequía
Na een lange droogteperiode viel er eindelijk regen.
duinB2
duna
De duinen houden het zeewater tegen.
duurzaamB2
sostenible
Ze zoeken een duurzame oplossing.
duurzaamheidB2
sostenibilidad
Duurzaamheid staat hoog op de agenda.

