Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

5 palabras · página 1 de 1

  • maandbedragA2

    importe mensual

    Het maandbedrag is 45 euro.

  • maandlastenB1

    gastos mensuales

    Mijn maandlasten zijn dit jaar gestegen.

  • minimumloonA2

    salario mínimo

    Hij verdient het minimumloon.

  • muntA2

    moneda

    Heb je een munt van twee euro?

  • muntgeldA2

    monedas

    Voor de kar heb je muntgeld nodig.