Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

41 palabras · página 2 de 2

  • spoedeisende hulpB2

    urgencias

    Hij is naar de spoedeisende hulp gebracht.

  • spoedgevalB1

    caso de urgencia

    Bij een spoedgeval belt u 112.

  • spoedhulpB2

    atención de urgencia

    Bij spoedhulp telt elke minuut.

  • sportartsB2

    médico deportivo

    De sportarts bepaalt wanneer hij weer mag spelen.

  • sportmassageB2

    masaje deportivo

    Na de wedstrijd volgt een sportmassage.

  • spreekkamerB1

    consulta (sala)

    De dokter roept u zo in de spreekkamer.

  • spreekuurA2

    horas de consulta

    Het spreekuur is van negen tot elf.

  • staarB2

    cataratas

    Staar is goed te opereren.

  • stekende pijnB2

    dolor punzante

    Ik voel een stekende pijn in mijn zij.

  • sterkA1

    fuerte

    Hij is heel sterk.

  • stofwisselingB2

    metabolismo

    Met de leeftijd vertraagt de stofwisseling.

  • stovenB2

    estofar

    Laat het vlees twee uur stoven.

  • stressB1

    estrés

    Door de drukte heb ik veel stress.

  • stressreductieB2

    reducción del estrés

    Wandelen is een simpele vorm van stressreductie.

  • suikergehalteB2

    contenido de azúcar

    Het suikergehalte staat op de verpakking.

  • symptoomB1

    síntoma

    Koorts is een bekend symptoom.