Vocabulario
8 palabras · página 1 de 1
nachtrustB2
descanso nocturno
Een goede nachtrust doet wonderen.
nagelA1
uña
Mijn nagels zijn te lang.
nazorgB1
seguimiento posterior
Na de operatie krijgt u nazorg thuis.
nekA1
cuello
Ik heb een stijve nek.
neuroloogB2
neurólogo
De neuroloog vroeg een scan aan.
neusA1
nariz
Mijn neus is verstopt.
nierA1
riñón
Hij heeft problemen met zijn nieren.
noodnummerB2
número de emergencias
Het noodnummer in Nederland is 112.

