Vocabulario
Filtros2
Sección: Tiempo libre
Categorías gramaticales
75 palabras · página 2 de 3
museumkaartB1
tarjeta de museos
Met een museumkaart kom je overal gratis binnen.
muzieklesB1
clase de música
Mijn zoon heeft op woensdag muziekles.
natuurwandelingB1
paseo por la naturaleza
Zondag maken we een natuurwandeling.
ontmoetingsplekB1
lugar de encuentro
Het buurthuis is een belangrijke ontmoetingsplek.
ontspanningB1
relajación
Lezen is voor mij pure ontspanning.
optredenB1
actuación; actuar
De band treedt zaterdag op.
recreatieB1
recreación
Het gebied wordt gebruikt voor recreatie.
recreatiegebiedB1
zona recreativa
Achter het dorp ligt een recreatiegebied.
reisgidsB1
guía de viaje
In de reisgids staan alle bezienswaardigheden.
reisorganisatieB1
agencia de viajes
De reisorganisatie regelt het hotel.
reisplanB1
plan de viaje
Ons reisplan is nog niet definitief.
reisverslagB1
crónica de viaje
Ze schreef een reisverslag voor de krant.
speeltuinB1
parque infantil
De kinderen spelen in de speeltuin.
spelletjeB1
juego
Zullen we een spelletje doen?
spelregelB1
regla del juego
Leg de spelregels eerst uit.
sportB1
deporte
Welke sport doe jij?
sportabonnementB1
abono deportivo
Mijn sportabonnement loopt per maand.
sportevenementB1
evento deportivo
Het sportevenement trekt duizenden bezoekers.
sportkantineB1
cantina del club
Na de wedstrijd zitten we in de sportkantine.
sportlesB1
clase de deporte
De sportles begint om zeven uur.
sportprestatieB1
rendimiento deportivo
Zijn sportprestaties zijn indrukwekkend.
sportschoolB1
gimnasio
Ik ga drie keer per week naar de sportschool.
sportuitrustingB1
equipamiento deportivo
Neem je eigen sportuitrusting mee.
sportveldB1
campo deportivo
Achter de school ligt een sportveld.
teamsportB1
deporte de equipo
Voetbal is de bekendste teamsport.

