Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

33 palabras · página 1 de 2

  • aanwezigA2

    presente

    Je moet minstens 80% aanwezig zijn.

  • afwezigA2

    ausente

    Hij was vorige week afwezig.

  • cijferlijstA2

    lista de notas

    Op de cijferlijst staan al je resultaten.

  • cursusgeldA2

    matrícula del curso

    Het cursusgeld betaal je vooraf.

  • cursusleiderA2

    coordinador del curso

    De cursusleider legt het programma uit.

  • cursusmapA2

    carpeta del curso

    Neem je cursusmap mee naar de les.

  • cursusniveauA2

    nivel del curso

    Op welk cursusniveau zit jij?

  • eindtoetsA2

    prueba final

    De eindtoets is in juni.

  • examendatumA2

    fecha del examen

    De examendatum staat nog niet vast.

  • grammaticaA2

    gramática

    De grammatica vind ik het moeilijkst.

  • groepslesA2

    clase en grupo

    Een groepsles is goedkoper dan privéles.

  • herhalingA2

    repaso

    Volgende week is er een herhaling van de grammatica.

  • inschrijfgeldA2

    cuota de inscripción

    Het inschrijfgeld betaal je één keer.

  • klasgenootA2

    compañero de clase

    Mijn klasgenoot komt uit Syrië.

  • klaslokaalA2

    aula

    Het klaslokaal is op de tweede verdieping.

  • leerboekA2

    libro de texto

    Neem je leerboek mee naar de les.

  • leertempoA2

    ritmo de aprendizaje

    Iedereen heeft zijn eigen leertempo.

  • leraarA2

    maestro

    De leraar legt het nog een keer uit.

  • lesmateriaalA2

    material didáctico

    Het lesmateriaal krijg je bij de eerste les.

  • lesroosterA2

    horario de clases

    Het lesrooster hangt bij de ingang.

  • lesuurA2

    hora lectiva

    Een lesuur duurt vijftig minuten.

  • medestudentA2

    compañero de clase

    Ik oefen samen met een medestudent.

  • oefeningA2

    ejercicio

    Maak oefening drie op bladzijde tien.

  • oefentoetsA2

    prueba de práctica

    Maak eerst een oefentoets.

  • schoolgidsA2

    guía escolar

    In de schoolgids staan alle regels.