Vocabulario
10 palabras · página 1 de 1
oefenenB1
practicar
Je moet elke dag oefenen.
oefenexamenB1
examen de práctica
Maak eerst een oefenexamen.
oefeningA2
ejercicio
Maak oefening drie op bladzijde tien.
oefenmateriaalB1
material de práctica
Er is genoeg oefenmateriaal online beschikbaar.
oefenopdrachtB1
tarea de práctica
Maak de oefenopdracht voor volgende week.
oefentoetsA2
prueba de práctica
Maak eerst een oefentoets.
oefenzinB1
frase de práctica
Maak bij elk woord een oefenzin.
opleidingB1
formación
Welke opleiding heb je gedaan?
opleidingsadviesB1
recomendación formativa
Ik kreeg een positief opleidingsadvies.
opleidingsduurB1
duración de la formación
De opleidingsduur is twee jaar.

