Vocabulario
Filtros2
Sección: Comunicación
Categorías gramaticales
39 palabras · página 1 de 2
taalbeheersingB2
dominio del idioma
Zijn taalbeheersing is bijna moedertaalniveau.
taalgebruikB2
uso del lenguaje
Het taalgebruik in de brief is te informeel.
taalgevoelB1
sensibilidad lingüística
Na een jaar krijg je meer taalgevoel.
taalnuanceB2
matiz lingüístico
Taalnuances zijn lastig voor gevorderden.
taalregisterB2
registro lingüístico
Kies het juiste taalregister voor je publiek.
taaltipB1
consejo lingüístico
De docent gaf een handige taaltip.
taalvariatieB2
variación lingüística
Taalvariatie tussen regio's is normaal.
tamelijkB2
bastante
Het antwoord was tamelijk vaag.
tegenargumentB2
contraargumento
Op dat tegenargument had hij geen antwoord.
tegensprekenB2
contradecir
Die cijfers spreken elkaar tegen.
tegenstellingB2
contraste, contradicción
Er zit een tegenstelling in zijn verhaal.
tegenwerpingB2
objeción
Hij had op elke tegenwerping een antwoord.
tekstopbouwB2
estructura del texto
Let op de tekstopbouw van je betoog.
tekstsoortB2
tipo de texto
Elke tekstsoort heeft eigen conventies.
telefonischB2
por teléfono
U krijgt telefonisch bericht.
telefoonafspraakB1
cita telefónica
We maken een telefoonafspraak voor donderdag.
telefoongesprekB1
llamada telefónica
Na het telefoongesprek was alles duidelijk.
telefoonnotitieB2
nota de llamada
Ik heb een telefoonnotitie op je bureau gelegd.
ten behoeve vanB2
a efectos de
Dit formulier is ten behoeve van de aanvraag.
ten eersteB2
en primer lugar
Ten eerste is het te duur.
ten opzichte vanB2
con respecto a
Ten opzichte van vorig jaar is er weinig veranderd.
ten slotteB2
por último
Ten slotte wil ik iedereen bedanken.
tenzijB2
a menos que
Wij gaan door, tenzij u bezwaar maakt.
terloopsB2
de pasada
Hij noemde het terloops in het gesprek.
terugbellenB1
devolver la llamada
Kunt u mij vanmiddag terugbellen?

