المفردات
4140 كلمة · صفحة 71 من 166
komkommerA1
خيار
Snijd de komkommer in plakjes.
konijnB2
أرنب
In de duinen zie je veel konijnen.
koningB2
الملك
De koning opende het parlementaire jaar.
koninginB2
الملكة
De koningin bezocht het ziekenhuis.
koningsdagB2
يوم الملك
Op koningsdag is het hele land oranje.
koningshuisB2
البيت الملكي
Het koningshuis heeft vooral een ceremoniële rol.
kookboekA2
كتاب طبخ
Dit recept staat in mijn kookboek.
kookpuntB2
نقطة الغليان
Het kookpunt van water ligt op honderd graden.
koolA1
ملفوف
In de winter eten we vaak kool.
koolhydraatB2
كربوهيدرات
Brood bestaat vooral uit koolhydraten.
koopgedragB2
سلوك الشراء
Het koopgedrag van consumenten is veranderd.
koopjeA2
صفقة رابحة
Die jas was echt een koopje.
koopkrachtB2
القوة الشرائية
De koopkracht van huishoudens is gedaald.
koopkrachtcijferB2
مؤشر القوة الشرائية
De koopkrachtcijfers zijn omstreden.
koopkrachtdalingB2
تراجع القوة الشرائية
De koopkrachtdaling treft huurders het hardst.
koopkrachtontwikkelingB2
تطور القوة الشرائية
De koopkrachtontwikkeling was dit jaar negatief.
koopkrachtverliesB2
فقدان القوة الشرائية
Door inflatie ontstaat koopkrachtverlies.
koopmarktB2
سوق شراء المساكن
Op de koopmarkt overbieden starters elkaar.
koopovereenkomstB2
عقد الشراء
De koopovereenkomst is schriftelijk vastgelegd.
koopwoningB2
مسكن مملوك
Een koopwoning is voor starters onbereikbaar.
koortsA2
حمى
Het kind heeft koorts.
kopieerapparaatB2
آلة نسخ
Het kopieerapparaat staat op de gang.
kopjeA1
فنجان
Wil je een kopje thee?
koppigheidB2
العناد
Zijn koppigheid maakte het gesprek lastig.
koptekstB2
العنوان الرئيسي
De koptekst dekt de lading niet.

