المفردات
29 كلمة · صفحة 1 من 2
tankenB1
tankte · hebben getankt
يتزود بالوقود
Ik moet nog even tanken.
tegensprekenB2قابل للانفصالشاذّ
sprak tegen · spraken tegen · hebben tegengesproken
يناقض
Die cijfers spreken elkaar tegen.
tekenenA2
tekende · hebben getekend
يرسم
Mijn dochter tekent graag.
tellenA1
telde · hebben geteld
يعدّ
Kun je tot tien tellen in het Nederlands?
يُحتسب، له اعتبار
Deze oefening telt niet mee voor je eindcijfer.
terugbellenB1قابل للانفصال
belde terug · hebben teruggebeld
يعاود الاتصال
Kunt u mij vanmiddag terugbellen?
terugbetalenA2قابل للانفصال
betaalde terug · hebben terugbetaald
يعيد المبلغ
Ik betaal je volgende week terug.
terugkerenB1قابل للانفصال
keerde terug · zijn teruggekeerd
يعود (رسمي)
Na de vakantie keerde hij terug naar Nederland.
terugkomenA2قابل للانفصالشاذّ
kwam terug · kwamen terug · zijn teruggekomen
يعود
Hij komt volgende week terug.
testenA2
testte · hebben getest
يختبر
De dokter wil je bloed nog een keer testen.
thuisblijvenA2قابل للانفصالشاذّ
bleef thuis · bleven thuis · zijn thuisgebleven
يبقى في المنزل
Ik blijf vandaag thuis.
thuiswerkenB2قابل للانفصال
werkte thuis · hebben thuisgewerkt
العمل من المنزل
Twee dagen thuiswerken is nu normaal.
tillenA2
tilde · hebben getild
يحمل (شيئًا ثقيلًا)
Deze doos is te zwaar om alleen te tillen.
timmerenB1
timmerde · hebben getimmerd
يعمل بالنجارة
Mijn opa timmert een vogelhuisje voor in de tuin.
toegevenB1قابل للانفصالشاذّ
gaf toe · gaven toe · hebben toegegeven
يعترف
Ze gaf toe dat ze fout zat.
يستسلم، يرضخ
Uiteindelijk gaf hij toe aan de druk van zijn collega's.
toelichtenB2قابل للانفصال
lichtte toe · hebben toegelicht
يوضح، يشرح
Kunt u uw standpunt toelichten?
toepassenB2قابل للانفصال
paste toe · hebben toegepast
يطبّق
Pas de regel toe op deze zin.
toestaanA2قابل للانفصالشاذّ
stond toe · stonden toe · hebben toegestaan
يسمح
Honden zijn hier niet toegestaan.
toevoegenB1قابل للانفصال
voegde toe · hebben toegevoegd
يضيف
Voeg nog een beetje zout aan de soep toe.
tonenB1
toonde · hebben getoond
يُظهر، يُبرز
Kunt u bij de ingang uw kaartje tonen?
trainenB1
trainde · hebben getraind
يتدرب
Wij trainen twee keer per week.
trakterenA2
trakteerde · hebben getrakteerd
يضيّف
Op je verjaardag trakteer je op gebak.
tredenB2شاذّ
trad · traden · zijn getreden
يدخل (حيّز التنفيذ)
De nieuwe wet treedt op één januari in werking.
treffenB2شاذّ
trof · troffen · hebben getroffen
يصيب؛ يلتقي
De storm trof vooral het noorden van het land.
trekkenB1شاذّ
trok · trokken · hebben/zijn getrokken
يسحب؛ يرتحل
Je moet de deur trekken, niet duwen.
trillenB2
trilde · hebben getrild
يرتجف
Zijn handen trilden van de zenuwen.

