Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

4140 слов · страница 42 из 166

  • familieA1

    семья

    Mijn familie komt zondag eten.

  • familiebezoekA1

    визит родственников

    Zondag hebben we familiebezoek.

  • familielidA1

    член семьи

    Er komt een familielid op bezoek.

  • februariA1

    февраль

    In februari is het meestal koud.

  • feestA1

    праздник, вечеринка

    Zaterdag is er een feest.

  • feestdagB1

    праздничный день

    Op feestdagen zijn de winkels dicht.

  • feitB2

    факт

    Scheid feiten van meningen.

  • feitencheckB2

    проверка фактов

    Na de feitencheck bleek de claim onjuist.

  • felicitatieB2

    поздравление

    Mijn felicitaties met je diploma.

  • festivalB1

    фестиваль

    Elke zomer is er een festival in het park.

  • fietsA2

    велосипед

    In Nederland gaat bijna iedereen met de fiets.

  • fietsenstallingA2

    велопарковка

    Zet je fiets in de fietsenstalling.

  • fietspadB1

    велодорожка

    Fiets alsjeblieft op het fietspad.

  • fietspompA2

    велонасос

    Heb je een fietspomp voor me?

  • fietsrouteA2

    велосипедный маршрут

    Deze fietsroute gaat door het bos.

  • fietsslotA2

    велозамок

    Vergeet je fietsslot niet.

  • fietsstrookB2

    велосипедная полоса

    De fietsstrook is te smal.

  • fietstochtB2

    велосипедная прогулка

    De fietstocht is veertig kilometer lang.

  • fietstunnelB1

    велотоннель

    Neem de fietstunnel onder het spoor door.

  • fietsveiligheidB1

    безопасность велосипедиста

    Verlichting is belangrijk voor je fietsveiligheid.

  • fietsverhuurA2

    прокат велосипедов

    Bij het station is een fietsverhuur.

  • fijnstofB2

    мелкодисперсная пыль

    Fijnstof is schadelijk voor de longen.

  • fileB1

    пробка

    Ik stond een uur in de file.

  • filiaalmanagerB2

    управляющий филиалом

    De filiaalmanager beslist over de roosters.

  • filmA1

    фильм

    We kijken vanavond een film.